kaart
Floreana
Dag 15: Donderdag, 06 november 2008
Vandaag doet het toch een beetje pijn vroeg op te staan. We
verlangen wel eens om uit te slapen, maar er is hier zoveel te doen en te zien
dat we daarmee zullen moeten wachten tot we terug in Belgenland zijn. Dus weer
vroeg uit de veren en we eten een koffiekoek en drinken een vers fruitsapje bij
de panadería tegenover het hotel. Nog vlug een zak vuile was droppen bij de
lavandería en dan staat Kate al op ons te wachten aan de touroperator (Darwin).
We passen onze snorkelflippers en brillen en dan stappen we samen met de
Tsjechen naar de kade. Hier moeten we een tijdje wachten en we zien Friendship
hier ook dobberen. We mijmeren weg en hebben toch wel een mooie tijd op dat wrak
beleefd. Als onze speedboot voor vandaag klaar is varen we zeer dicht bij
Friendship. Deze laatste is weer vlug uit onze gedachten als we de golven met
twee sterke motoren trotseren.
Erg comfortabel is de vaart niet want we worden serieus door elkaar geschud. Tja,
dit is de enige manier om Floreana als daguitstap te bezoeken. Met de cruise
zouden we hier zeven tot acht uur over gedaan hebben, nu nog geen twee uur. We
zitten met dertien toeristen op de boot, een machogids genaamd Daniel en de
kapitein met zijn trouwe hulpje. Als we aankomen aan de haven Puerto Velasco
Ibarra dobberen we nog een tijdje rond eer de haventaxi bij ons passeert. De
peedboot heeft natuurlijk geen rubberboot om aan land te gaan, vandaar dit
omslachtige procces. Eens aan land is het weer wachten, ditmaal op een busje dat
ons de hooglanden in moet loodsen. We wandelen samen met Kate rond en lopen even
op een zwart strand. Ook hier op dit eiland zitten zeeleeuwen en leguanen maar
ze zijn voor ons al deel van het decor geworden. Het wachten duurt wel erg lang
en uiteindelijk kan de gids een ander busje regelen. Hij leent hiervoor wel 20
dollar bij Bart.
Als we in het chiva busje zitten, rijden we de heuvels in. Dit busje is open aan
de zijkanten en heeft een paar rijen houten banken achterelkaar. De rit van een
halfuur voert ons door het binnenland en we passeren een paar heuvels die erg op
vulkanen lijken maar volgens de gids is dit geen vulkanisch eiland. (Achteraf
hebben we dit opgezocht en het is wel degelijk een vulkanisch eiland.) Van
George hebben we in het begin van de week geleerd dat de Galápagos eilanden het
merendeel bestaan uit vulkanische eilanden. De anderen zijn oceanisch, dus
ontstaan door de platentektoniek.
We wandelen door een groen landschap en stoppen bij grotten waar piraten geleefd
hebben. Erg veel weet onze gids niet te vertellen maar het uitzicht over de zee
en de eilanden is wel heel mooi. De zon steekt zoals ze hier iedere middag doet
en we zijn dan ook blij als we verkoeling vinden bij de schildpadden. Deze
schildpadden zijn afkomstig van andere eilanden maar wonen hier tijdelijk. De
schildpadden die hier oorspronkelijk woonden zijn uitgeroeid door de piraten die
ze doodden voor de olie.
Er is hier ook een bron op Floreana. En dat is samen met San Cristóbal het enige
eiland waar dat het geval is. Hier op Floreana hangt daar ook een legende aan
vast. Een jongetje zou hier verloren gelopen zijn en heeft overleefd dankzij de
bron.
Na de wandeling stappen we terug op de chiva om naar beneden te hobbelen. Hier
aan de kust geeft Floreana trouwens een zeer verlaten indruk. Het lijkt wel het
einde van de wereld. Een klein dorpje met een school, een kerk en drie hotels.
Die hotels zouden in het bezit zijn van de nazaten van de Wittmers, de eerste
Duitse settlers op dit eiland. Ik kan me voorstellen dat je hier alleen naar toe
komt als je alleen wilt zijn en rust wil hebben. Het doet me denken aan de
reisdocumentaires van Boudewijn Büch, toen hij op zoek ging naar de uiterste
punten van de wereld.
Dit keer staat er wel direct een watertaxi voor ons klaar en als we aan boord
van onze boot zijn, bombardeert het hulpje van de kapitein zichzelf tot kok. Hij
tovert een “box lunch” op iedereen zijn schoot. Inhoud van de box: een
voorverwarmde rijstschotel met kip, groenten en een paar verloren garnalen. Met
het toevoegen van een serieuze scheut ketchup en ají is het best te eten.
Voor we het weten varen we alweer en dit keer zijn we op zoek naar dieren. Wij
hopen nog steeds op een ontmoeting met pinguïns maar tevergeefs. Vandaag zijn ze
samen met de flamingo’s niet te vinden en moeten we ons tevreden stellen met de
tropic birds met een lange staart. Ze duiken recht de zee in om zich op hun
prooi te storten. Ook mooi, zeker met de dramatische kust als achtergrond. De
blue footed boobies zijn ook weer van de partij. Een nieuwe soort die we nog
niet gezien hadden, zijn de nasca boobies. Bart heeft zich met de Tsjechen voor
birdwatching op het dek aan de voorkant gezet.
Maar genoeg vogels voor vandaag, we gaan over naar andere animalitos: vissen. De
snorkelaars mogen zich klaarmaken terwijl de kapitein op zoek gaat naar de
perfecte plaats. We varen voorbij Devil’s Crown, wat er heel idyllisch uitziet.
Iets verder plonst Bart als eerste het water in. Ik ga niet mee. Ik ben serieus
afgekoeld en de zon is verdwenen. Maar het begint al vlug te kriebelen. Bart
heeft samen met schildpadden gezwommen en dat doet me watertanden.
Gelukkig is er nog een tweede snorkelbeurt op het programma en ik kleed me vlug
om. Het water is niet zo koud als het er uit ziet. Het is helderblauw. Mooie
visjes, groot en klein zwemmen voorbij mijn snorkelbril. Prachtig! Spijtig dat
we eruit moeten want ik heb eindelijk de smaak te pakken en voel me als een vis
in het water. Maar de trip kon niet beter eindigen. We racen terug naar Puerto
Ayora.
Om 20u hebben we met Kate en Todd afgesproken om samen te eten. Ook Yuko,
een Japanse, die vandaag mee op uitstap was, vergezelt ons. Er wordt heel wat
afgelachen en gezeverd en zo vliegt de avond voorbij. We nemen afscheid en
pakken onze rugzakken in want ons bezoek aan snorkelland zit erop. Morgen
vliegen we terug naar het koude Quito.